Nederland Waterland – by Marjan Sommeijer

Op 4 april was Wilfried ten Brinke te gast bij RUW om een lezing te geven over Nederland als Waterland. Hij verzorgde een tweedelige lezing, waarin hij tijdens het eerste deel inging op de geschiedenis van Nederland als Waterland en tijdens het tweede deel op het heden en de toekomst. Alles bij elkaar vormde de  lezing een mooi overzicht over hoe Nederland zich als Waterland heeft ontwikkeld en wat kansen en uitdagingen voor de toekomst zullen zijn. De lezing werd door een kleine 20 mensen bezocht en vond in het Nederlands plaats.

Nederland is van oudsher zeer actief op watergebied. Zo’n 3000 jaar geleden, toen Nederland nog voor een groot deel uit veen bestond, werd Nederland voor het eerst bevolkt. De eerste watermanagers in die tijd waren de terpenbouwers. Vanaf de 10e eeuw begon de bedijkingsgeschiedenis van Nederland. Een voorbeeld van een hele oude dijk is de Diefdijk, aangelegd in de 13e eeuw, deze doet echter nog steeds dienst. Gedurende deze tijd ontstonden ook de droogmakerijen op de plaatsen van de grote meren in het westen van Nederland. Deze meren waren ontstaan door grootschalige veenwinning en werden vanaf de 13e eeuw met behulp van molens leeggepompt. Meneer Leeghwater (1575-1650) heeft hier een belangrijke rol in gespeeld. De Haarlemmermeer vormde echter een probleem door de omvang van het meer. De Haarlemmermeer is daarom pas in 1850 drooggelegd. Tegenwoordig zijn dijken een stuk sterker dan in het verleden. Toen vonden er veel vaker overstromingen plaats. Alleen al in Zeeland liggen meer dan 100 verdronken kerkdorpen. Door de complexiteit kwam rivierverdediging veel later op gang in vergelijking met kustverdediging. Pas in 1930 waren alle rivierwerken, met name regulatie en normalisatie van de rivieren, af. Tegenwoordig komen grote overstromingen, zowel aan de kust als langs de rivieren, nauwelijks meer voor. Dit heeft onder andere te maken met de hoge eisen die aan dijken gesteld worden. De overstromingsnormen voor primaire waterkeringen worden bij wet vastgesteld en variëren van eens in 250 jaar tot eens in de 10.000 jaar. Deze normen zijn uniek in de wereld, maar blijken in de praktijk vaak niet gehaald en gehandhaafd te worden.

In de toekomst zullen waterproblemen zich veelal concentreren in dichtbevolkte gebieden. Problemen zullen voornamelijk te maken hebben met te veel, te weinig en/of te vies water. Middels een aantal voorbeelden schetste Wilfried ten Brinke de problemen die zich voor kunnen doen. Problemen in stedelijk gebied hebben veelal te maken met slechte inrichting van de steden. Een toenemende bevolking en daarmee bijbehorend verhard oppervlak staat niet meer in verhouding tot de riolerings- en drainagecapaciteit van deze gebieden. Problemen met droogte uiten zich niet alleen in verminderde opbrengsten in de landbouw, maar bijvoorbeeld ook in het scheuren van veendijken. Daarnaast zullen problemen met verzilting in de toekomst een steeds grotere rol gaan spelen. Er is een heel scala aan maatregelen dat ingezet kan worden om deze problemen te bestrijden. Kenmerkend is echter dat Nederlanders een zero tolerance beleid voeren als het gaat over risico’s. In andere regio’s in de wereld wordt er meer aandacht besteed aan rampenbestrijding. Over het algemeen worden elders in de wereld ook hogere risico’s geaccepteerd. Vaak zijn deze gebieden ook een stuk kwetsbaarder dan Nederland.

Advertisements

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s